Nu hulp nodig?

Bel 085 029 85 09

(lokaal tarief, 24/7)

Gebruik het formulier

(geheel vrijblijvend!)

De kelderkever houdt van vochtig, warm en donker

De kelderkever is in Nederland redelijk zeldzaam maar hij wordt tegenwoordig regelmatig aan het KAD aangeboden voor determinatie. Hij dankt de naam kelderkever aan zijn meest voorkomende vindplaats, namelijk (warme, vochtige) kelders. Hij heeft ook nog wat andere – veelal streekgebonden – namen, zoals rouwtor, stompe dodentor, dodentor, zwartlijf en toegespitste kelderkever.

Familie van de meeltor en de piepschuimkever

De wetenschappelijke naam van de kelderkever is Blaps mucronata, Latreille, 1804. Hij behoort tot de familie Tenebrionidae. Een paar bekende kevers uit deze familie zijn de meeltor Tenebrio molitor L., 1758 en de piepschuimkever Alphitobius diaperinus Panzer., 1797.
Tot het genus Blaps behoren de volgende soorten, waaronder die in Nederland voorkomen.

Soorten die in Zuid Europa voorkomen zijn: Blaps lethifera, Blaps lusitanica, Blaps gigas, Blaps juliae, Blaps mortisaaga, Blaps polycresta, Blaps proheta, Blaps requieni, Blaps sulcata, Blaps wiedemanni, Blaps stranck.

In één oogopslag te herkennen aan hun snoervormige sprieten

De kelderkever is 20 tot 24 mm lang. De meeste kelderkevers zijn zwart, soms met een typische sculptuur op de dekschilden en op het halsschild. Hun lichaamsvorm is zeer verschillend en sommige soorten vertonen een opvallende gelijkenis met andere soorten. Ondanks hun vormenrijkdom zijn kelderkevers in één oogopslag te herkennen aan hun snoervormige, 11-ledige sprieten die naar het uiteinde toe soms verdikt zijn. Sommige soorten kelderkevers zijn ongevleugeld. Hun dekschilden zijn aan de naad met elkaar vergroeid. Andere soorten kelderkevers bezitten wel vleugels.

Kelderkevers leven van organisch materiaal en kunnen stinken

Kelderkevers leven van schimmelende plantaardige resten en dierlijke stoffen zoals uitwerpselen. Zij kunnen zeer onaangenaam ruiken door het sekreet uit een klier aan de onderzijde van het achterlijf (abdomen). De larven van de kelderkever lijken veel op de larven van de meeltor en determinatie kan wenselijk zijn. In Nederland is de kelderkever een exoot. In de landen rondom de Middellandse Zee zijn kelderkevers veel algemener. De vele soorten treden er een beetje op als ‘gezondheidspolitie’ omdat ze leven van rottende plantaardige of dierlijke stoffen en van uitwerpselen. Anekdote is dat onder de zitplaatsen van de arena’s in de Franse stad Nimes zich hokjes bevonden die door de toeschouwers gebruikt werden als latrines. Tot in het midden van de vorige eeuw stak het er niet zo nauw met de hygiëne. Uitwerpselen en vuil papier lagen er zomaar op de grond. Verschillende soorten van het geslacht Blaps hadden er al sinds de Romeinse tijd hun intrek genomen. Ze vonden er immers voedsel in overvloed. De kevers waren niet te tellen.

Goede ventilatie om de kelderkever te weren

Kelderkevers leiden een verborgen leven. Hij is vooral 's nachts actief. Tijdens zwoele nachten komen kelderkevers op licht af. Men treft ze dan wel eens in lichtvallen aan. Men moet ze zoeken in oude kelders, schuren, stallen, meelfabrieken en opslagruimten die een slechte ventilatie hebben. In de regel zijn het thermofiele (= warmteminnende) kevers. Bepaalde soorten vindt men dan ook uitsluitend in zeeduinen en in de heidevelden. Hier kan door zonneschijn de temperatuur behoorlijk in oplopen. Om de kelderkever te weren, kan een goede ventilatie vaak volstaan.

Bron: Ton Brink, voormalig biotechnicus KAD en inmiddels gepensioneerd extern adviseur
naar DIERPLAGEN INFORMATIE 2-2009, pag 22

Lees meer over (de bestrijding van) kevers en kevertjes

Meer over de professionele ongediertebestrijder


© 2015 Kijk Op Ongedierte