Nu hulp nodig?

Bel 085 029 85 09

(lokaal tarief, 24/7)

Gebruik het formulier

(geheel vrijblijvend!)

Muizenkeutels gedetermineerd

In Dierplagen en milieu 44 (1) 1996 (een publicatie van de toenmalige Afdeling Bestrijding van Dierplagen van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer) staat een artikel over uitwerpselen van zoogdieren. Kijk op Ongedierte licht er de informatie over muizen uit.

Mocht u nog vragen hebben, stel deze dan via dit formulier. Wij zullen u zo spoedig antwoorden.

Wilt u in contact komen met een professionele ongediertebestrijder bij u in de buurt? Dat kan via Kijk op Ongedierte. Bel tegen lokaal tarief met 085 029 85 09. Een deskundige lokale ongediertebestrijder staat u direct te woord om uw vragen te beantwoorden. Ook 's avonds of in het weekend!

De ranzig geurende uitwerpselen van de huisspitsmuis (Crocidura russula Hermann)

huisspitsmuis uitwerpselen
De spitsmuissoort die het meest wordt gesignaleerd bij de ongediertebestrijding is de huisspitsmuis. Spitsmuizen eten voornamelijk insecten en andere geleedpotige diertjes. De uitwerpselen van de huisspitsmuis zijn behoorlijk groot. Ze zijn plakkerig en liggen vaak op een hoop onder stenen of stukken hout of in latrines bij elkaar of geplakt tegen voorwerpen. De geur is karakeristiek ranzig. De kleur is donkerbruin tot zwart, ze bestaan voor het grootste deel uit fijne chitinedeeltjes. Ze zijn aan één uiteinde puntig. De grootte varieert van vier tot tien milimeter, de dikte van drie tot vier milimeter. Spitsmuizen eten ook wel wormen en slakken. In dat geval hebben de uitwerpselen geen vaste vorm meer. Hoe stel je nu vast dat je met spitsmuisuitwerpselen te doen hebt? Als je uitwerpselen in vaste vorm van bovengenoemd formaat tussen duim en wijsvinger fijnwrijft en je bekijkt dit door een microscoop of loep met een vergroting van tien of twintig keer en je vindt dan alleen maar chitinedeeltjes van insekten en kleine kiezelsteentjes, dan weet je zeker dat de uitwerpselen van spitsmuizen zijn.

Muizenpoepjes van de huismuis Mus musculus L. verspreid over het leefgebied

huismuis uitwerpselen
De uitwerpselen van de huismuis zijn over het algemeen zwart van kleur, drie tot acht milimeter lang en twee tot drie milimeter dik met vrij spitse uiteinden. Ze worden verspreid in het leefgebied van de huismuis aangetroffen. De samenstelling van de uitwerpselen van de huismuis is homogeen van structuur. De huismuis is een alleseter, met een voorkeur voor granen, peulvruchten, noten, en andere vetrijke producten zoals kaas, vet, boter en spek.

 

 

 

De bosmuis Apodemus sylvaticus L. minder algemeen in gebouwen

bosmuis uitwerpselen

De uitwerpselen van de bosmuis lijken zeer veel op die van de huismuis. Ze zijn echter groter van omvang namelijk twee tot tweeënhalf milimeter dik en zes milimeter lang. Ook is de oppervlakte van de uitwerpselen wat bobbeliger. Het is wel van belang om de uitwerpselen fijn te maken en onder een binoculair te bekijken op resten van bijvoorbeeld insecten, want zoals bekend nuttigen bosmuizen ook graag insekten. Hierdoor kan de samenstelling van de uitwerpselen steeds verschillend zijn. Ze eten verder nog granen, zaden, wormen en delen van planten en dan vooral de bloemknoppen. Omdat bosmuisuitwerpselen erg op die van huismuizen lijken, moet men ook goed worden geïnformeerd over de vindplaats. De bosmuis is door zijn grote improvisatie- en aanpassingsvermogen een muizesoort die zich in ons land op allerlei plaatsen kan vestigen, zowel in bebouwing als op plaatsen met bebossing en op de open akkers van de polders. In tegenstelling tot de huismuis komt hij minder algemeen in gebouwen voor. Enkele veel voorkomende streeknamen van deze muis zijn: springmuis, springer, langstaart, langsteert, griloog. De Groningers noemen hem springmoes, de Friezen gaven hem de naam hazemus.

Meer informatie over de bestrijding van muizen
Overzicht ongedierte en ongediertebestrijding


© 2015 Kijk Op Ongedierte